
Op een lijn voor transferprinten op glas is de printer zelden het beperkende element. De droger is dat juist wel. Als de inktlaag niet snel en gelijkmatig wordt gedroogd, zie je problemen als vage afbeeldingen, slechte hechting van de inkt en randen die nog steeds plakkerig blijven. Bij productie met veel verschillende producten leidt dit tot afval, herwerkwerk en vertragingen in de productiecyclus.
Wat technisch gezien belangrijk is: we ontwerpen drogers voor transferprinten rondom kortegolflange NIR-emitters. Glas is grotendeels transparant voor deze golflengten, terwijl de inkt ze juist sterk absorbeert. Dit betekent dat de laag rechtstreeks wordt opgewarmd, zodat de temperatuur van de inkt kan worden verhoogd zonder dat het glas te heet wordt en er thermische spanningen ontstaan.
Het systeem bestaat uit modulaire verwarmingzones. Elke module heeft een eigen stroomregeling en een vastgesteld stralingsprofiel. Hierdoor kan de droogtijd worden aangepast aan de chemische samenstelling van de inkt en de druksterkte.
De capaciteit van de droger is ontworpen voor industriële gebruik: 24 kW per module, 400 V driefasig. De apparaten passen gemakkelijk in bestaande productielijnen. Kwartsvensters en de reflectoruiterlijke zorgen ervoor dat de energie precies op de juiste plek terechtkomt. Er is ook een temperatuurregeling die zich bevindt bij de emitter – geen risico op onjuiste temperatuurwaarden door de omgevingslucht.
Voor transferprinten op glas is een snelle en reproduceerbare verhittingssnelheid nodig. NIR zorgt voor een snelle energiedoorvoer, zodat de inkt binnen seconden de juiste temperatuur bereikt. Hierdoor kan de productielijn op volle snelheid draaien.
Omdat de hitte gericht wordt toegepast, blijft het glas koeler. Dit helpt om problemen zoals buiging en vervorming van het glas te voorkomen, wat de optische kwaliteit kan beschadigen.
Het zoneringssysteem maakt het mogelijk om de concentratie van de inkt aan de randen aan te passen – dikker inkt aan de randen, dunner in het midden – zonder dat het midden te veel wordt gedroogd of de randen te weinig. Hierdoor zijn er minder defecten en blijft de hechting van de inkt goed. De droger kan daarnaast tegelijkertijd met de pers werken, in plaats van de productie te vertragen.
Kort samengevat: de droger moet passen bij de inkt en de productielijn, en niet andersom.
NIR-droging is geen eenvoudige oplossing die ergens kan worden ingezet. Er moet rekening worden gehouden met de afstand tussen de emitter en het glas, zodat het stralingsprofiel behouden blijft. Ook moet het transportmechanisme ervoor zorgen dat het glas plat en stabiel blijft. Als het glas beweegt, verandert de energiedosis.
De droger is bovendien gevoelig voor de chemische samenstelling van de inkt. Sommige bindmiddelen drogen door convectiestromen, terwijl andere bindmiddelen drogen door straling. Daarom moeten de golflengte en de vermogensdichtheid worden aangepast aan de inkt.
Zorg ervoor dat de oppervlakken van het glas schoon zijn, en controleer vooraf de spanning en koelcapaciteit van de productielijn.